submenu

Rudi Vranckx brengt verhalen bij de oorlogsliedjes van Bram Vermeulen - 30/09/2021

‘In de mens zit het allerbeste en het allerslechtste’

Irak, Syrië, Jemen, Afghanistan. Bij conflicten en oorlogen komt meestal ook VRT-oorlogsverslaggever Rudi Vranckx in beeld. Maar tijdens de muzikale vertelavond ‘Vriend en vijand’ leer je Vranckx op een andere manier kennen. ‘Muziek is voor mij balsem voor de ziel.’

De Nederlandse muzikant en cabaretier Bram Vermeulen (1946-2004) was gefascineerd door de Eerste Wereldoorlog. Hij maakte er de theatervoorstelling Mannen maken oorlog over, en in opdracht van het In Flanders Fields Museum nam hij de plaat Oorlog aan den oorlog op. Nu, zo veel jaren later, neemt de dochter van Bram Vermeulen Katarina tijdens de voorstelling Vriend of vijand zelf de microfoon vast. Samen met zanger en gitarist Wigbert, contrabassist Charles Nagtzaam (Frank Boeijengroep) en toetsenist Serge Feys (Arno/TC Matic) maakt ze nieuwe versies van de oorlogsnummers. En tussen die liedjes door vertelt Rudi Vranckx de oorlogsverhalen die hij de voorbije 30 jaar zelf verzamelde.

Waar komt jouw interesse in oorlog en conflicten vandaan?

Vranckx: ‘Ik ben geïnteresseerd in het fenomeen oorlog in alle opzichten. Nadat ik geschiedenis had gestudeerd, heb ik een paar jaar aan de unief gewerkt om de geschiedenis en de mechanismen van een oorlog te bestuderen. Ik kende ook de anti-oorlogsnummers van Bram Vermeulen en was dus geprikkeld om mee te doen in een programma met zijn liederen over de Eerste Wereldoorlog. Het idee dat ik verhalen van nu kan vertellen die parallel lopen met de ervaringen die Bram in zijn liedjes vertaalde, sprak me aan.’

Wat zijn zaken die jou opvallen of aanspreken in die liedjes?

Vranckx: ‘De menselijkheid. Als hij zingt over een oude man die worstelt met zijn herinnering aan de oorlog, denk ik aan de oude mannen die ik ken die oorlogen hebben meegemaakt. Bijvoorbeeld aan de Afghaanse oude man die vertelt over de bombardementen die hij meemaakte tijdens zijn trouwfeest.’

‘Het gaat ons vooral over wat de oorlog met de geest doet. De liederen zijn niet zozeer beschrijvingen van de materiële schade of getallen van gesneuvelden. Het gaat niet alleen over de bommen, de ruïnes en het puin. Het gaat vooral over wat de oorlog mentaal met een mens doet. Daar hebben we niet altijd aandacht voor.’

Op welke basis heb jij jouw verhalen geselecteerd?

Vranckx: ‘Het is organisch gegroeid. Katarina en de muzikanten hebben teksten voorgesteld. Ik heb verhalen gezocht die daar bij pasten, ook verhalen uit mijn autobiografische verzamelwerk Mijn kleine oorlog. Dertig jaar aan het front. Aan de regisseur die vaak met mij aan documentaires werkt, heb ik gevraagd om samen beelden te zoeken die illustreren wat ik vertel. Zo reizen we in woord, muziek en beeld de wereld rond. We zitten in Afghanistan, Irak, in Syrië … en ik begin waar de oorlog eigenlijk ook voor mij begonnen is: in het Roemenië van de revolutie in 1989, waar ik voor het eerst mensen heb zien doodschieten. Wat doet het met een mens als je iemand ziet doodschieten? Die vraag stellen is iets anders dan alleen maar feiten brengen.’

Bram Vermeulen had de overtuiging dat de mens niet zonder oorlog kan.

Vranckx: ‘Zonder mensen is er in elk geval geen oorlog. In de mens zit het allerbeste en het allerslechtste, dus ook oorlog. Je kan wel werken aan vrede, zoals we in Europa al decennialang doen. Maar de verleiding is er altijd, en we vergeten ook veel. Kijk naar de haat die vandaag op sociale media wordt gepredikt. Je zou mensen eigenlijk eindeloos moeten meenemen naar de Dossinkazerne, naar Auschwitz en de andere slagvelden van de wereld om de verwoestende impact van oorlog te laten zien.’

We zijn allemaal tegen oorlog, maar wat zou je zeggen tegen pacifisten die elk militair ingrijpen afwijzen?

Vranckx: ‘Ik ben iemand die beschrijft wat ik meemaak en wat ik daarbij voel. Pacifisme is een ideologisch standpunt van iemand die denkt en hoopt dat oorlog altijd vermeden kan worden. Ik wil mee hopen, maar ik kan ook alleen maar vaststellen dat de realiteit nog altijd anders is. Wat Afghanistan wel nog eens heeft laten zien, is dat wapens en oorlog niet het juiste middel zijn om een samenleving te veranderen. De illusie is nogmaals doorprikt dat het Westen of wie dan ook kan bepalen hoe mensen op andere plekken in de wereld denken. Wapens kunnen anderzijds wel een terreurorganisatie vernietigen, en dat kan nodig zijn. Het was nodig Al Qaeda een halt toe te roepen. De vraag is hoe je het daarna aanpakt. Wat sommigen zien als een nodige verandering van een maatschappij, voelt voor veel mensen als een bezetting waartegen ze gaan vechten. Echte verandering kan als je de civiele samenleving, de ideeën van een hele generatie, van binnenuit kan laten evolueren.’

De voorstelling brengt ook verhalen van hoop?

Vranckx: ‘In de oorlog kom je de lelijkste maar ook de mooiste dingen tegen. Mensen die elkaar helpen bijvoorbeeld, of die kunst maken. Zo vertel ik het verhaal van de muzikanten van Mosoel, die eigenlijk in de gruwelijkste omstandigheden – onder ISIS – toch in de schoonheid en de universaliteit van muziek zijn blijven geloven.’

Je bent zelf ook veel bezig met de miserie van de wereld. Misschien doet muziektheater als dit je dan ook goed.

Vranckx: ‘Een project als dit helpt mij ook, ja. Ik vind het zeer fijn om met de muzikanten op stap te zijn en hen bezig te horen. Ik geniet daarvan. Het is balsem voor de ziel. Ik probeer altijd de helende schoonheid te zoeken.’

 

Tekst: Michaël Bellon
Foto: © Tine De Wilde
Uit: zandloper oktober 2021

Bekijk ook