submenu

De Wemmelse muziekfamilie Geirnaert - 03/06/2021

Betonplaten en Nederlandstalige pop

Tijdens de Belpopwandeling kan je op verschillende locaties in Wemmel informatie over muziekartiesten ontdekken die in Wemmel hun oorsprong hebben. Muziekkenner Jan Delvaux legt onder meer het verhaal van de muzikale familie Geirnaert bloot.

Dat gaat over de beginnende Urbanus, de Nederlandstalige muziekband GOM en de vroeg gestorven jazzgitarist Erik Geirnaert.

We zijn in de Tennisdreef in Wemmel. Tussen het recyclagepark en de tennisclub, op een rustig plekje achterin, wonen Bob en Magda. Ze zijn een eindje in de negentig, maar prima in orde. De ogen van praatgrage Bob Geirnaert twinkelen nog altijd. Elke ochtend zwemt hij zijn lengtes in het zwembad dat hij zelf aanlegde. Tot in de jaren 90 had hij een zaak van betonnen en daarna plastic afsluitingen en tuinbenodigdheden, waarover hij veel kan vertellen. In een knipselmap toont hij artikels over familieleden van vroeger en nu. Zo is kleindochter Soen wereldtop in acrogym. Maar wie ons voor dit gesprek bijzonder interesseert, is Bobs broer Daniël Geirnaert, die de mentor van Urbanus was. En Bobs vier zonen – Jo, Mark, Stef en Erik – die hier op de zolder van de garage muziek maakten. Stef en Erik zijn overleden, maar Daniël, Jo en Mark komen hier nog regelmatig over de vloer.

Jo, de oudste zoon van Bob, neemt het woord. Hij is een halfbroer van de andere drie, aangezien zijn moeder elf maanden na haar huwelijk met Bob in het kraambed overleed. Jo vertelt hoe de hele familie – voor de verhuis naar Wemmel in 1966 – in Jette woonde, op de plek waar nu het UZ is. ‘We woonden er met drie generaties op drie verdiepingen: mijn grootouders, mijn ouders, een tante en twee nonkels, onder wie nonkel Daniël die amper negen jaar ouder is dan ik. Op die plek zijn mijn vader en grootvader kort na de oorlog begonnen met palen en platen van getrild beton, een modern alternatief voor de gemetste muren in de klassieke stadstuintjes. Hier en daar zal je in Wemmel nog afsluitingen met een plakkaatje van Geirnaert vinden.’

Jo woont nu in Opwijk en is een vijftal jaar met pensioen, nadat hij als zelfstandige zelf ook afsluitingen was beginnen te zetten. Maar op zijn veertiende dacht hij vooral aan muziek. ‘Ik reed ’s morgens en ’s avonds met Johan Verminnen naar het Sint-Pieterscollege. Ook Erik Van Neygen zat daar, en dus begon ik zelf ook gitaar te spelen. Al snel maakten we veel eigen nummers. Toen ik zestien jaar was, hebben we hier in de garage een verdieping gemaakt voor ons repetitiekot. Zo is op een gegeven moment GOM ontstaan. Ik drumde op een goedkoop tweedehandsdrumstel uit de Zuidstraat tot ik trouwde. Stef, die in het begin nog op de bongo speelde, is dan in mijn plaats beginnen te drummen. Maar het was toch vooral de groep van onze Mark. Hij schreef de teksten en speelde gitaar, en heeft er ook onze jongste broer Erik bijgehaald.’

Mark woont momenteel in Groot-Bijgaarden. ‘Ik had op mijn twaalfde een talentenjacht kleinkunst gewonnen in Halle. Sylvain Tack van de Suzy Wafels was de manager die zich daarna met mij bezig zou houden. Maar ik mocht niet van mijn ouders en ik wilde zelf ook geen tweede Heintje worden. Liever Zjef Vanuytsel of Kris De Bruyne. Tussen mijn vijftien en twintig jaar zijn we dan met een paar vrienden met GOM begonnen. We speelden optredens in de wijde omgeving. Een hoogtepunt was een affiche in Wemmel samen met onder meer Johan Verminnen, Roland en Ferre Grignard. Hier thuis stond de deur van het repetitiekot altijd open. Ook Jan Hautekiet en Eric Melaerts zijn hier gepasseerd.’ Vandaag is Mark de enige van de Geirnaerts die nog muziek speelt als ’t kan: bij de jazzgroep Jazzastkan.

Van Anus

En dan is er het hoofdstuk Urbanus. Die begon zijn carrière met het groepje Anus, dat maar een maand of zes heeft bestaan. Jo maakte daar deel van uit, op vraag van zijn nonkel Daniël Geirnaert, de vierde getuige in ons verhaal. ‘Ik gaf aan Sint-Lukas Animatiefilm en Tekenen in avondles. Daar had ik Urbain (Servranckx, de naam van Urbanus, red.) in mijn klas. Hij was één van die jonge gasten die in het onderwijs uit de boot was gevallen, maar die wel iets wilde doen met zijn leven. Op een dag kwam Urbain met de tekst van een liedje dat hij had geschreven: Filemon heeft een mokke, een echt lief kind, en ze zei dat ze mij ook nen toffe vindt. Omdat ik altijd een bestrijder ben geweest van het Engelse cultuurimperialisme zag ik in Urbain een kans om iets in het ‘Vlaams’ te doen. Urbain is toen begonnen met een groepje, omdat hij beschaamd was om alleen op het podium te staan. We maakten zelf een paar instrumenten. Met een kleermakerspop, wat stemfluitjes en een wasbord.

Urbain kwam aanzetten met een grote trommel waar ik een basbanjo van heb gemaakt met een steel en fietskabels. Om er wat structuur in te steken, heb ik Jo erbij gehaald. Muzikaal zat het in het begin nog niet goed, omdat Urbain moeilijk kon samenspelen, maar de reacties waren enthousiast. Toen we de eerste plaat Urbanus van Anus Leevend maakten, was er ook geen geld voor een hoes. Omdat ik wist hoe belangrijk zo’n hoes was, heb ik er zelf één gemaakt met de helft van het budget, wat potloden en een omgebouwde camera.’

Wie vandaag niets meer kan navertellen is Erik, de jongste van de vier broers, die écht op het punt stond om door te gaan in de muziek. ‘Ook hij vond zijn draai niet in de muziekschool,’ vertelt Jo, ‘maar hij had een muziekhandboek met een elpee waarmee hij zichzelf gitaar leerde spelen. Hij heeft een jaar of twee bij het orkest van John Terra gespeeld, het internationale jeugdconcours op Jazz Hoeilaart gewonnen en hij zou ook leraar worden in de jazzacademie van Hoeilaart waarvan Toots Thielemans peter was, en waar Erik daardoor ook mee heeft samengespeeld. Zijn astma leek toen allang onder controle, maar uiteindelijk heeft hij in 1989 toch een fatale aanval gehad. Een jaar nadat Stef was overleden.’

Als Bob zijn knipselmap terug in handen neemt, laat hij fier een recente familiefoto zien waarop talloze klein- en achterkleinkinderen staan. ‘En ik ben de enige die niet kan zingen’, lacht hij.

Alle info over de Belpop Bonanza Wemmel Wandeling 

Tekst: Michaël Bellon
Foto: © Tine De Wilde
Uit: zandloper juni 2021

 

Meer lezen over Belpop Bonanza wandelingen?

Lees het in de Randkrant van juni