submenu

MENSEN uit Wemmel - 02/02/2018

Een jaar in Amerika

Margaux Vandenbussche en Birgit de Schrijver uit Wemmel verblijven momenteel een jaar in Amerika. Ze doen er hun zesde middelbaar opnieuw, elk in een andere Amerikaanse staat. Margaux woont in Tacoma (in de staat Washington) en Birgit in Yellville (Arkansas). De zandloper ging virtueel op bezoek.

Margaux Vandenbussche
‘Afstuderen met een hoedje’

Margaux: ‘Ik kwam op het idee om naar het buitenland te gaan dankzij de verloofde van mijn oudste broer. Zij deed het namelijk ook. Vanaf het moment dat ze erover begon te praten, begon het bij mij te kriebelen. Ik was toen amper 10 jaar oud. Zodra ik 15 jaar was, zocht ik info over de verschillende organisaties en hun programma’s. Vooral de States spraken tot mijn verbeelding. Ik moest en zou een jaar weggaan om er de typical highschool expierence te beleven. Ik wou ook weten hoe het is om in een gastgezin te verblijven. Dit jaar geeft me bovendien extra tijd om na te denken over mijn studiekeuze. Aan het einde van mijn zesde middelbaar in België was ik namelijk helemaal niet zeker.’

‘Ik koos voor Tacoma in Washington omdat ik het gevoel had dat ze hier meer open-minded zijn, en omdat dit een van de regio’s is waar ze ook drama (toneel) als les aanboden. Ondanks het feit dat de VS een westers land is, zijn er veel verschillen. Met de mentaliteit van de mensen – en vooral van de studenten op school – heb ik het soms moeilijk. Ik ben iemand die veel belang hecht aan respect en aan werken voor school, terwijl sommige leerlingen erg onrespectvol zijn en nooit hun huiswerk maken. Soms mis ik de authenticiteit van Europa ook. De mensen zijn heel vriendelijk en sociaal, maar er is hier zo veel processed en gefabriceerd. Wat ook opvalt, is dat mensen zich helemaal niets aantrekken van hoe ze voor de dag komen. Op school zijn er elke dag 10-tallen leerlingen die in hun pyjama naar school komen, en veel mensen dragen 24/7 joggingbroeken en sweaters.’
‘De kwaliteit van het onderwijs is hier lager dan in België. De toetsen of opdrachten die we krijgen, vergen niet zo veel denkwerk en veel opdrachten zijn vrij letterlijk. Bovendien krijg je voor alles en nog wat punten, zelfs als je gewoon oplet in de klas bijvoorbeeld. Het is dan ook niet moeilijk je punten hoog te houden. In Tacoma werken ze niet met studierichtingen zoals bij ons, maar eerder met aparte vakken en doelen die je moet bereiken. Iedereen heeft daarom zijn eigen lessenrooster. De vakken die ik heb, zijn allemaal vakken die in België niet bestaan: denk maar aan US History of Family Health. Ik moet deze vakken erbij nemen om op het einde van het jaar te kunnen afstuderen met hoedje en al (lacht). Dat is en blijft een van mijn grote doelen tijdens mijn verblijf in Amerika.’ (SV)
Birgit de Schrijver

‘Niet zoals in High School Musical’

Birgit: ‘Ik had in het zesde middelbaar totaal geen idee wat ik wou doen met de rest van mijn leven of wat ik wou studeren. Ik wilde zelfstandiger worden. Toen enkele vrienden vertelden dat zij een jaar naar het buitenland zouden gaan, leek mij dat supertof. Uiteraard had ik in mijn hoofd een beeld gevormd van hoe het hier zou zijn. Dat het niet zo zijn zoals in High School Musical had ik wel door, maar ergens zorgen die films er toch voor dat je in je hoofd een bepaald beeld krijgt van de States. En ook al is het hier niet zoals in de films … het is hier echt tof en mooi!’

‘Het leven is wel heel anders dan in België. Dat was vooral in het begin wennen, maar na een tijdje werd ik het gewoon. Zo vond ik het echt raar om 16-jarigen (!) in hun eigen auto naar school te zien rijden. Alle Amerikanen die ik heb ontmoet, zijn enorm vriendelijk. Iedereen wil ervoor zorgen dat je een geweldige tijd hebt en dat je je echt thuis voelt. Mensen zijn hier ook zeer sociaal. Doordat ik een exchange student ben, was iedereen nieuwsgierig naar mij. Dat ik al wat Engels kon, sprak in mijn voordeel, al zal mijn Engels nooit 100 % perfect zijn, simpelweg omdat het mijn moedertaal niet is. Maar ik kan de taal nu wel veel vlotter praten, en mijn woordenschat is echt uitgebreid.’

‘In het begin van het schooljaar werd ik lid van een volleybalteam. We speelden drie matchen per week en daarnaast trainden we wekelijks nog twee keer. Ondertussen is het volleybalseizoen voorbij, maar we zien elkaar nog altijd tijdens de lessen.’

‘Mijn gastgezin valt goed mee. Ik heb hier twee broers en een zus en we komen goed overeen. We gaan ook vaak op uitstap. Zo gingen we tijdens de kerstvakantie naar een pretpark. Overal hingen kerstlichtjes, het had iets magisch. Ook ons huis was helemaal versierd. De mensen bij wie ik verblijf, bakten in die periode ook kerstkoekjes voor de hele familie en voor de buren. Een jaarlijkse traditie.’

‘Mijn familie mis ik zonder enige twijfel. Met de heimwee die ik in het begin voelde, gaat het nu gelukkig beter. Ik skype elk weekend met mijn gezin: een moment waar ik altijd naar uitkijk. Vroeger had ik de droom om te verhuizen naar een ander land, maar door hier te zijn heb ik beseft dat ik dat niet kan. Ik zou mijn familie en vrienden niet zo lang kunnen missen, en België is eigenlijk zo slecht nog niet.’ (SV)

uit: gemeenschapskrant de Zandloper, februari 2018